Woonkamer

Teksten Voordorps Verbeelding 2019

 

==========

 

 (lied)

 

nog maar zes

 

nog maar zes

en nu alweer vergeten

ze hebben al je knuffels weggehaald

van de plek

waar jij bent overreden

op de hoek, bij die lantarenpaal

 

nog maar zes

nog maar een kleine jongen

ik hoor nog steeds het schuiven van je fiets

nog maar zes

je leven net begonnen

nog maar zes, en daarna komt er niets

 

nog maar zes

zes jaar om van te houden

nog maar zes: een veel te kort bestaan

en je ouders

die dromen om je bouwden

ik zie ze in je lege kamer staan

 

nog maar zes

en zomaar overreden

de buschauffeur die had jou niet zien gaan

nog maar zes

en zomaar overleden

en straks kent niemand meer jouw naam

 

nog maar zes

ik kan je niet vergeten

al hebben ze je knuffels weggehaald

van de plek

waar jij bent overleden

op de hoek, bij die lantarenpaal

 

nog maar zes

ik kan je niet vergeten

ik zie jouw beeld in ieder spelend kind

jij bent weg

maar levend hier van binnen

daar zul je levend zijn zolang ik zing

daar zul je levend zijn zolang ik zing

 

==========

 

het is een dag van regenbogen

en scheerlicht over het vlakke groene land

waar gele wilgen wuiven en zwanen

als verfrommelde servetten staan in de wind

 

waar donkere wolken huizen strelen

onder helder blauw

en vuile schapen staan te vreten

de Canadese ganzen zwart genekt

met poten in de modder staan

en roze bloesembomen schreeuwen:

de lente komt eraan!
 

maar mijn gemoed is zwaar nog

en weet zich niet verwarmd door de prille zon

ik denk aan hen die in de winter achterbleven

als trage schimmen, voor altijd stom

 

==========

 

het is de tijd dat oude bomen vallen



de goud-els is gevallen in een winterstorm

zijn kruin ging ruisend door de lucht

de wortelkluit verschrompeld losgerukt

uit grond zo lang zijn ankerpunt
 

 

krakend doorgebroken bij de voet

langzaam hellend of snel neergestort

ik weet het niet

ik was er niet
 

wel weet ik dat ik zijn schaduw mis

zijn wijs geritsel in een zomerbries

en in zijn takken de herinneringen

de beloftes in zijn lenteknop
 

nadat hij leven gaf aan eigen stam

schenkt nu zijn dode hout een rode vlam

en in het knetteren van het felle vuur

hoor je nog zacht ons spreken in het avonduur

 

==========

 

(lied)

 

moeder en kind

 

zo’n halve eeuw geleden

ik was toen nog heel klein

ik was nog niet geboren

dat vond ik reuzefijn

de ene keer een duikboot

en de andere keer een vis

ik kon me goed vermaken

in de duisternis

 

ik wilde niet naar buiten

daar was het eng en koud

maar na negen maanden

werd het toch wel wat benauwd

toen fluisterde mijn moeder

ik bescherm je waar ik kan

en je hebt ook een vader

dat is een sterke man

 

toen ben ik maar gekomen

mijn moeder keek me aan

‘k gaf haar mijn eerste lachje

en zij gaf mij mijn naam

mijn allereerste stapje zette ik

aan mijn moeders hand

en in de lange zomers

zochten we schelpen in het zand

 

mijn diploma halen

wat was ze trots en blij

ik verloor mijn eerste liefde

wie mij troostte dat was zij

we deelden zoveel samen

en de tijd die vloog voorbij

voordat we het wisten

was ik groot en zij werd klein

 

nu, na al die jaren

weet ze niet meer hoe ik heet

het zal niet lang meer duren

voor ze me helemaal vergeet

nee, er is geen weg terug

hoe erg ik dat ook vind

maar jij, jij blijft mijn moeder

en ik, ik blijf jouw kind

 

==========

 

moeder II

 

mijn hand aan de wandelwagen

lopend naast jou

onder de bloeiende prunus

jij gaf de wereld namen

kijk: een kastanje,

een roos, een esdoorn

je vulde mijn hoofd

met woorden

om de wereld te bevatten

te ontsluiten, te ervaren

 

kleine mens

stap voor stap

verkennend aan jouw hand

werd de wereld werkelijkheid

door jouw woorden

dierbare noodzakelijkheid

 

later vond ik

mijn eigen taal

maar nog altijd

met jouw accent

 

==========

 

bij vader en moeder

 

hier zitten we bijeen

in deze vertrouwde ruimte

landen zacht

op een bed van herinneringen

in de veilige

beslotenheid van dit huis

waar het lijkt

alsof alles eeuwig

door zal gaan

onaangeraakt door de tijd

 

en toch zweven

herinneringen

als lome herfstbladeren

wiegend naar de bodem

dempen ons bewegen

in deze geborgenheid

geven ons stevigheid

geven ons ankers

in ons bestaan

 

==========

 

(lied)

 

Leef, leef, leef!

 

jij zegt: ik moet je iets vertellen

dit leven heeft voor mij geen zin

dit leven is voor mij de hel

ik kan de toekomst niet meer zien

 

ik kan niet lopen, niet meer horen

mijn wereld is me veel te klein

al mijn vrijheid is verloren

ik wil hier echt niet langer zijn

 

refrein:

 

ik ben jouw handen

ben jouw ogen

leef, leef, leef!

 

ik ben jouw handen

ben jouw ogen

leef, leef, leef!

 

ik ben jouw voeten

ben jouw oren

leef, leef, leef!

 

ik ben jouw handen

ben jouw ogen

 

ik laat je kijken door mijn vensters

ik laat je dromen in mijn bed

ik laat je leven in mijn leven

ik laat je dansen op mijn weg

 

ik geef je gouden zonnestralen

de purperen wolken van de nacht

geef je mijn uren en mijn dagen

ik kan niet wachten tot je lacht

ik kan niet wachten tot je lacht

 

refrein

 

==========

 

kleine winterkoning op je tak

met witte snavelranden schreeuwend

het donker dons tussen je veren

in vele streepjes bruin



verscholen tussen de takken piepend

om levenbrengend voedsel

maar zo, o, tegenstrijdigheid,

ook een snelle prooi


ben je straks des winters koning

je parelende roepen in de kou?

of vul je ongezien

de maag van ekster of van kat?

 

klein bolletje

wees veilig in mijn hand

 

==========

 

wij hebben niets nodig

 

wij zitten in de stilte van de bomen

in de stilte van de nachtlucht

in de nachtlucht van opaal

waar de kleine vleermuis vliegt

zwart en spichtig

 

tussen kanten silhouetten

die zich spiegelen in het water

waar de koolmees zich in waste

vink en tjiftjaf kwamen drinken

de horizon het ijlste geel

 

en de stilte doordringt alles

in de ruimte zo zachtblauw

zelfs het spreken en ons wezen

de eerste ster komt op

boven de schuur

 

in de stilte komen bomen

zacht en zwijgend dichterbij

reiken met hun ijle twijgen

naar de eeuwigheid

 

wij hebben niets nodig

 

 

Copyright Villa Het Zwarte Paard 2019